hennep
zelfstandig naamwoord ˈhɛnəpBetekenis
- van wiens vezels zeer veel produkten kunnen worden vervaardigd o.a. touw, papier, canvas en textiel
- genotmiddel vervaardigd uit de (variëteit indica) van deze familie
Hoe spreek je hennep uit?
/ˈhɛnəp/
Hennep bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| h | hoed |
| ɛ | bed |
| n | nek |
| ə | de |
| p | pak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- bepaald soort plant, Cannabis sativa uit de hennepfamilie, van wiens vezels zeer veel produkten kunnen worden vervaardigd o.a. touw, papier, canvas en textiel
Herkomst
Leenwoord uit het Scythisch of Thracisch, in de betekenis van ‘plant’ voor het eerst aangetroffen in 1343