heerlijk
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- zeer aangenaam
- erg smakelijk
- van de (lands)heer
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| heerlijke | verbogen, stellende trap |
| heerlijker | onverbogen, vergrotende trap |
| heerlijkere | verbogen, vergrotende trap |
| heerlijkers | partitief, vergrotende trap |
| heerlijks | partitief, stellende trap |
| heerlijkst | onverbogen, overtreffende trap |
| heerlijkste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
In de betekenis van ‘prachtig, aangenaam’ voor het eerst aangetroffen in 1200
Woordfamilie van heerlijk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| heerlijke | verbogen vorm | heerlijk |
| heerlijker | vergrotende trap | heerlijk |
| heerlijkere | verbogen vergrotende trap | heerlijk |
| heerlijkers | partitieve vergrotende trap | heerlijk |
| heerlijks | partitive, positive | heerlijk |
| heerlijkst | uninflected, superlative | heerlijk |
| heerlijkste | inflected, superlative | heerlijk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van heerlijk zijn vastgelegd.