dolblij
bijvoeglijk naamwoord ˈdɔlblɛiBetekenis
- uitgelaten zijn, heel erg vrolijk van stemming, buitengewoon blij, enorm blij
Hoe spreek je dolblij uit?
/ˈdɔlblɛi/
Dolblij bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| ɔ | bot |
| l | land |
| b | bak |
| ɛi | trein |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
bijvoeglijk naamwoord
- in een uitgelaten bui, heel erg vrolijk van stemming, buitengewoon blij, enorm blij
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| dolblije | verbogen, stellende trap |
| dolblijs | partitief, stellende trap |
Herkomst
intensief samenstelling van dol en blij , in de betekenis van ‘buitengewoon blij’ aangetroffen vanaf 1916
Woordfamilie van dolblij
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| dolblije | verbogen vorm | dolblij |
| dolblijs | partitive, positive | dolblij |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dolblij zijn vastgelegd.