bomvol
bijvoeglijk naamwoord 'bɔmvɔlBetekenis
- bijzonder vol
- tweede betekenisomschrijving
Hoe spreek je bomvol uit?
/ˈbɔmvɔl/
Bomvol bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ɔ | bot |
| m | maan |
| v | vis |
| l | land |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bomvolle | verbogen, stellende trap |
| bomvols | partitief, stellende trap |
Herkomst
Leenwoord uit het ?, in de betekenis van ‘helemaal vol’ voor het eerst aangetroffen in 1898
Woordfamilie van bomvol
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bomvolle | verbogen vorm | bomvol |
| bomvols | partitive, positive | bomvol |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bomvol zijn vastgelegd.