astigmatisch
bijvoeglijk naamwoord astɪx'matisBetekenis
- van een lens dat de kromming niet in alle richtingen gelijk is en dat een scherpe afbeelding dus niet mogelijk is
Hoe spreek je astigmatisch uit?
/astɪxˈmatis/
Astigmatisch bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| a | maan |
| s | sok |
| t | tak |
| ɪ | pit |
| x | acht |
| m | maan |
| i | riet |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| astigmatische | verbogen, stellende trap |
| astigmatischer | onverbogen, vergrotende trap |
| astigmatischere | verbogen, vergrotende trap |
| astigmatischers | partitief, vergrotende trap |
Herkomst
In de betekenis van ‘met onscherpe beeldvorming’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1902
Woordfamilie van astigmatisch
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| astigmatische | verbogen vorm | astigmatisch |
| astigmatischer | vergrotende trap | astigmatisch |
| astigmatischere | verbogen vergrotende trap | astigmatisch |
| astigmatischers | partitieve vergrotende trap | astigmatisch |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van astigmatisch zijn vastgelegd.