anderstalig
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- een andere taal gebruikend
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| anderstalige | verbogen, stellende trap |
| anderstaligs | partitief, stellende trap |
Herkomst
Samenstellende afleiding van anders en taal met het achtervoegsel -ig
Woordfamilie van anderstalig
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| anderstaligs | partitive, positive | anderstalig |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van anderstalig zijn vastgelegd.